FlexiO Installateur

Minimale Netwerkvereisten

FlexiO werkt betrouwbaar zolang twee dingen in orde zijn: een goede internetverbinding tussen FlexiObox en de modem, en een stabiele verbinding (via TCP of RTU) tussen FlexiObox en de omvormer.

Twee vaste regels voor we beginnnen

  • Vast bekabeld, recht naar de router. Altijd. Geen powerline-adapters, geen wifi of meshnetwerken.

  • Je FlexiObox connecteer je rechtstreeks met de router. Zorg ervoor dat je omvormer ook rechtstreeks met de router is verbonden. Dit zorgt voor een stabiel modbus signaal als je connectie tussen FlexiO en de Omvormer draadloos verloopt via Modbus TCP.

De drie opstellingen hieronder volgen alle drie die twee regels. Ze verschillen alleen in hoe je bekabelt, en wanneer je welke kiest.

De FlexiObox heeft één ingebouwde ethernetpoort. Met een TP-Link UE300 (USB naar gigabit ethernet) voeg je een tweede bekabelde poort toe. De FlexiObox werkt dan als een kleine switch: hij krijgt internet binnen van de modem op de ingebouwde poort en geeft het door aan het toestel (omvormer of laadpaal) via de UE300.

Zo krijg je een korte, rechtstreekse kabelverbinding tussen FlexiO en de omvormer of laadpaal, zonder extra toestellen en zonder extra stopcontact.

De UE300 is goedgekeurd door LIFEPOWR en de drivers staan al op de FlexiObox. De verbinding is plug-and-play: zodra je een ethernettoestel via de UE300 aansluit, herkent FlexiO de adapter en geeft het toestel automatisch een correct IP-adres. Je hoeft niets te configureren.

Tip: FlexiO ondersteunt meerdere UE300-adapters tegelijk. Bijvoorbeeld één voor FlexiO naar de omvormer, en een tweede voor FlexiO naar de laadpaal.

image-20260729-123506.png


Wat je nodig hebt

  • Een TP-Link UE300 USB-naar-ethernetadapter, goedgekeurd door LIFEPOWR.

  • Een ethernetkabel, minimaal afgeschermd Cat5e of Cat6 (STP of FTP). Geen maximumlengte, maar korter is beter.

  • Internet rechtstreeks van de modem of router.

Aansluiten

  1. Modem of router, met een ethernetkabel naar de ingebouwde poort van de FlexiObox. Dat is het internet.

  1. UE300 in een USB-poort van de FlexiObox.

  1. UE300, met een korte afgeschermde ethernetkabel naar de netwerkpoort van de omvormer of de laadpaal.

  1. Klaar. FlexiO herkent de adapter, geeft een IP-adres en overbrugt de poorten automatisch. Meerdere toestellen? Eén UE300 per toestel.

  1. Kijk in de IO-diagnostiek na of de verbinding stabiel is.

Optie 2: een netwerkswitch in de technische ruimte

Er loopt één vaste internetkabel van de modem naar de technische ruimte. Daar plaats je een netwerkswitch, en alle deelnemende toestellen komen op die switch samen: de FlexiObox, de omvormer, en eventueel de laadpaal en de batterij. Zo staan alle gestuurde verbindingen bij elkaar en blijft het traject naar de omvormer kort.

Kies deze opstelling als er meerdere netwerktoestellen in de technische ruimte staan, of als je liever met een gewone switch werkt dan met USB-adapters.

image-20260729-123519.png


Wat je nodig hebt

  • Eén vaste internetkabel van de modem naar de technische ruimte.

  • Een gigabit netwerkswitch met voeding.

  • Korte, afgeschermde patchkabels (Cat5e of Cat6) van de switch naar elk toestel.


Optie 3: rechtstreeks naar de modem

Elk toestel krijgt zijn eigen kabel rechtstreeks naar de modem of router.

  • Goed als de modem in dezelfde technische ruimte staat als FlexiO en de omvormer. Dan is dit de eenvoudigste opstelling: geen extra switch of adapter nodig, en het traject naar de omvormer blijft kort.

  • Niet aangeraden als de modem ver weg in de woning staat. Dan heb je zowel een lange kabel modem naar FlexiO als een lange kabel modem naar omvormer nodig. Dat verhoogt de kans op storing op het Modbus-signaal.

image-20260729-123534.png


Let op: geen wifi, geen wifi-versterkers en geen powerline tussen FlexiO en de omvormer of de laadpaal. Dat is de belangrijkste oorzaak van een onstabiele verbinding.


Tips & Tricks

Netwerk en subnet

De FlexiObox scant zelf het lokale netwerk en zoekt daar alle FlexiO-compatibele toestellen. Krijgt de box IP-adres 192.168.0.155, dan zoekt hij in de reeks 192.168.0.0 tot 192.168.0.255. Dat geldt voor omvormers op Modbus TCP, voor HomeWizard Eastron-meters, en voor lokaal verbonden laadpalen.

Alle FlexiO-compatibele toestellen moeten in hetzelfde subnet zitten. Aparte netwerken, een extra beheerde router of een mesh-netwerk maken een eigen IP-reeks aan en breken die zoekactie. Dat is meestal de reden waarom een toestel niet automatisch gevonden wordt, ook al hangt alles fysiek aan dezelfde switch.


Netwerkpoorten

De FlexiObox moet aan een router met onbeperkte internettoegang hangen. Geen gastnetwerk, geen captive portal, geen tijdslot.

Heb je een klant die een eigen bescherm netwerk heeft gebouwd (bijvoorbeeld een IT-bedrijf), geef dan onderstaande door aan je klant. Naar buiten toe moeten deze poorten open zijn:

Poort

Protocol

Waarvoor

5671

tcp

AMQP, de verbinding met de FlexiO-cloud

443

tcp

HTTPS

53

udp en tcp

DNS

123

udp

NTP, tijdsynchronisatie


Netwerkkabels

  • Minimaal afgeschermd Cat5e of Cat6 (STP of FTP) tussen FlexiO en de omvormer.

  • Zo kort als mogelijk.

  • Laat een P1-kabel nooit naast DC-kabels lopen; dat geeft interferentie. Verleng een P1-kabel ook niet tot meer dan 5 m.

  • LIFEPOWR levert een afgeschermde Cat6-kabel van 2 m, artikelnummer LSF2.